Welke wol kriebelt niet? Dit zijn zachte keuzes

welke wol kriebelt niet

Welke wol kriebelt niet? Fijne merinowol, kasjmier en zachte yakwol zijn vaak goede keuzes als je geen kriebelende trui wilt. Ze hebben doorgaans fijne vezels die soepel tegen de huid aanvoelen. Toch is geen enkele wolsoort voor iedereen gegarandeerd kriebelvrij: ook de kwaliteit van het garen en je eigen huid spelen mee.

Welke wol kriebelt niet of nauwelijks?

Zoek je wol die prettig is op de blote huid, begin dan met een van deze zachte soorten:

  • Fijne merinowol: voelt vaak zacht en soepel aan. Vooral merino met de aanduiding ‘extra fine’ of ‘superfine’ is het proberen waard. Ook daarbij kunnen kwaliteit en gevoel per kledingstuk verschillen.
  • Kasjmier: staat bekend om de zachte, fijne vezels. Een kasjmier trui voelt voor veel mensen minder prikkelend dan een trui van grovere schapenwol.
  • Yakwol: de fijne ondervacht van de yak kan zacht aanvoelen. Controleer wel of het kledingstuk helemaal van yakwol is gemaakt of ook andere vezels bevat.
  • Fijne alpacawol: kan comfortabel zijn op de huid, maar niet elke alpacatrui voelt even zacht. Pas het kledingstuk daarom voordat je het koopt.

Mohair is vaak zacht en pluizig, maar die losse haartjes kunnen bij sommige mensen juist kriebelen. Vertrouw bij mohair dus niet alleen op hoe zacht de trui in je hand voelt.

Waarom de ene wollen trui zachter voelt dan de andere

De dikte van de vezels maakt veel verschil. Dikkere, stuggere vezels buigen minder makkelijk als ze je huid raken. Daardoor kunnen ze een prikkelend gevoel geven. Fijne vezels buigen makkelijker mee en voelen vaak zachter.

De vezeldikte wordt soms aangegeven in micron. Fijne merinowol voor kleding kan bijvoorbeeld een vezeldikte van ongeveer 16,5 tot 19,5 micron hebben. Een lager getal wijst meestal op een fijnere vezel, maar het is geen harde grens waaronder wol nooit kriebelt. Ook de afwerking en de losse vezeltjes aan het oppervlak tellen mee.

Zo herken je wol die prettig aanvoelt

De naam van de wolsoort is een handig begin, maar vertelt niet alles. Twee truien van merinowol kunnen verschillend aanvoelen. Let bij het kiezen daarom op het volgende:

  • Controleer de samenstelling. Een trui met een klein deel kasjmier bestaat niet automatisch vooral uit kasjmier. De andere vezels bepalen mee hoe de stof voelt.
  • Voel aan de binnenkant. Die kant raakt je huid. Een pluizige of wat ruwe binnenkant kan anders aanvoelen dan de buitenkant.
  • Test bij je hals of pols. Houd de stof even tegen je huid en beweeg erbij. Zo merk je sneller of losse vezels prikken.
  • Pas de trui met wat je eronder draagt. Wil je hem direct op de huid dragen, test hem dan ook zo. Met een zacht shirt eronder heb je minder direct contact met de wol.

Voelt een trui in de winkel al onaangenaam bij je hals, dan is een zachtere soort of een ander breisel een betere keuze. Voor direct contact met de huid zijn fijne merino en kasjmier vaak een goed startpunt.