Pantalon strijken zonder glansplekken of dubbele vouwen

pantalon strijken

Een pantalon strijken doe je het best door eerst de tailleband en zakken glad te maken en daarna elke pijp apart te persen. Heeft de pantalon een strijkvouw, leg dan de binnen- en buitennaden van de pijp op elkaar en volg de bestaande vouw. Gebruik een persdoek om glansplekken te voorkomen.

Wat heb je nodig om een pantalon te strijken?

Leg een strijkijzer, een strijkplank en een schone, dunne katoenen doek klaar. Die doek komt tussen het strijkijzer en de pantalon. Vooral bij donkere pantalons en fijne stoffen helpt dat om glanzende plekken te voorkomen.

Op het waslabel staan de strijkinstructies voor de pantalon. Een doorgestreept strijkijzer betekent dat je de pantalon niet mag strijken. Mag het wel, kies dan de aangegeven stand. Begin bij twijfel over de stof op een lage temperatuur en strijk eerst een onopvallend stukje aan de binnenkant.

Strijk een pantalon bij voorkeur als hij schoon is. Door warmte kunnen vlekken namelijk lastiger te verwijderen worden. Maak ook de zakken leeg, zodat voorwerpen geen afdruk achterlaten.

Pantalon strijken in een paar stappen

Werk van boven naar beneden en neem de tijd om de stof steeds glad op de plank te leggen. Zo voorkom je dat je nieuwe kreukels vaststrijkt.

  • Begin bij de zakken. Trek de zakvoering voorzichtig naar buiten en strijk die glad. Stop de voering daarna netjes terug.
  • Strijk de bovenkant. Trek de tailleband over het smalle uiteinde van de plank. Draai de pantalon steeds een stukje en pers de stof rond de taille en heupen. Strijk om knopen, ritsen en naden heen.
  • Leg één pijp op de plank. Schuif de andere pijp opzij. Maak de stof en eventuele plooien eronder met je hand glad.
  • Pers de pijp. Leg de persdoek op de stof. Zet het strijkijzer kort neer, til het op en verplaats het naar het volgende stuk. Werk zo naar de onderkant en behandel daarna de andere kant en de tweede pijp.
  • Laat de pantalon afkoelen. Hang hem op of laat hem nog even vlak liggen. Zo ontstaan er minder snel nieuwe kreukels.

Druk bij de zakken niet hard op dikke naden. Die kunnen aan de buitenkant zichtbaar worden als afdruk. Laat je strijkijzer ook niet op één plek staan: dat kan de stof beschadigen.

Zo houd je de strijkvouw recht

Heeft je pantalon al een scherpe vouw aan de voor- en achterkant? Leg één pijp plat en breng de binnennaad en buitennaad op elkaar. De vouwen liggen dan aan de twee zijkanten van de platgelegde pijp. Leg de vouwen precies op de bestaande lijnen voordat je begint.

Pers de vouw door de doek heen, vanaf de onderkant naar boven. Volg de bestaande lijn en stop waar die van nature eindigt, vaak onder de zak of bij een bandplooi. Strijk niet zomaar door tot in de tailleband. Herhaal dit aan de andere kant van de pijp en bij de tweede pijp.

Zie je een dubbele vouw ontstaan? Stop dan en leg de pijp opnieuw neer voordat je verder perst. Heeft de pantalon geen strijkvouw, maak er dan niet automatisch een: houd de pijp tijdens het persen juist zo glad mogelijk, zonder een scherpe rand vast te zetten.

Hang de pantalon na het afkoelen aan een broekhanger. Een bestaande strijkvouw blijft het netst als je de pijpen langs die vouw bij elkaar legt.