Sokken en ondergoed wassen: zo doe je het goed

Sokken en ondergoed wassen doe je het beste op 60°C. Op die temperatuur worden bacteriën en schimmels effectief gedood, iets wat bij 40°C niet volledig lukt. Toch doen veel mensen dat anders, en dat heeft gevolgen voor zowel hygiëne als slijtage. Hieronder lees je precies hoe je het aanpakt.

Waarom 60°C voor sokken en ondergoed?

Sokken en ondergoed zitten dicht op de huid en vangen veel zweet, huidschilfers en bacteriën op. Op 40°C worden die bacteriën niet volledig gedood, ze overleven de wasbeurt en kunnen zelfs verspreid worden naar andere kledingstukken in dezelfde was. Voor ondergoed, sokken en handdoeken geldt daarom: 60°C is de hygiënische ondergrens.

Wasmiddelen die speciaal voor koud of lauw water zijn gemaakt, bevatten soms extra enzymen of antibacteriële stoffen. Zelfs met zulke middelen is 40°C in de meeste gevallen niet genoeg om zwaar bevuilde sokken of gebruikt ondergoed echt schoon te krijgen. Twijfel je? Kies dan gewoon voor 60°C.

Sokken en ondergoed wassen samen met andere kleding

Je kunt sokken en ondergoed samen wassen, zolang alle stukken de temperatuur van 60°C aankunnen. Katoenen ondergoed en gewone sokken zijn daar doorgaans goed tegen bestand. Let op het waslabel: staat er “max 40°C” op een kledingstuk, was het dan apart of in een aparte lading op de juiste temperatuur.

Shirts van dunne stof, fijne materialen of gekleurde kleding ga je beter niet samen met sokken en ondergoed op 60°C wassen. Die lading geeft je sowieso meer resultaat als je hem splitst: een “hygiënewas” voor ondergoed, sokken en handdoeken op 60°C, en een aparte lading voor de rest op 30°C of 40°C.

Donkere sokken apart houden

Donkere of felvgekleurde sokken kunnen kleur afgeven, zeker de eerste keer dat je ze wast. Was ze de eerste paar beurten apart of alleen samen met andere donkere kleding. Na een paar wassingen is de kans op kleurafgifte een stuk kleiner. Witte sokken was je bij voorkeur altijd apart of samen met wit ondergoed, zodat ze niet grijs worden.

Praktische tips voor een goede wasbeurt

  • Keer sokken en ondergoed binnenstebuiten voor het wassen. De binnenkant zit het meest tegen de huid en bevat de meeste bacteriën. Zo wast de machine precies waar het vuil zit.
  • Stop sokken niet in een bal. Losse sokken worden beter gewassen dan samengerolde exemplaren.
  • Gebruik een normaal wasmiddel voor witte of lichte was, of een kleurwasmiddel voor donkere sokken. Een extra scheutje wasmiddel helpt niet per se; de juiste temperatuur doet veel meer werk.
  • Gebruik geen wasverzachter op sokken als je last hebt van zwetige voeten. Wasverzachter vormt een laagje op de vezels dat de wateropname vermindert, waardoor sokken minder goed transpireren.
  • Droog sokken en ondergoed bij voorkeur aan de lucht of op een lage stand in de droger. Hoge droogtemperaturen kunnen elastiek aantasten en de pasvorm ruïneren.

Wat als je alleen koud kunt wassen?

Soms staat op het waslabel van ondergoed “max 30°C” of “koud wassen”, bijvoorbeeld bij fijne materialen of speciale pasvorm-ondergoed. In dat geval helpt het om een wasmiddel te gebruiken dat specifiek is bedoeld voor koud water. Was dergelijke stukken bij voorkeur direct na gebruik, zodat vuil en bacteriën minder tijd hebben om in te trekken. Zwaar bevuild ondergoed kun je kort inweken in water met een beetje wasmiddel voor je het wast.

Het korte antwoord: was sokken en ondergoed op 60°C als de stof dat toelaat, keer ze binnenstebuiten, en gooi ze niet zomaar bij je reguliere wasje op 40°C. Dat kleine verschil in temperatuur maakt een groot verschil in hygiëne.