Broeken in de droger: zo droog je ze met zorg

broeken in de droger

Broeken in de droger doen kan als het waslabel dat toestaat, maar warmte en wrijving kunnen de stof laten krimpen of de pasvorm veranderen. Kies daarom een lage temperatuur en haal de broeken eruit zodra ze droog genoeg zijn. Aan de lucht drogen is de veiligere keuze als je de pasvorm zo goed mogelijk wilt behouden.

Broeken in de droger voorbereiden

Leeg eerst de zakken. Een vergeten papieren zakdoekje kan bijvoorbeeld pluisjes achterlaten op de hele lading. Sluit ritsen en knopen en keer de broeken binnenstebuiten. Dat helpt om de buitenkant te beschermen tegen wrijving.

Doe geen broeken in de droger waarvan het label drogen in de trommel verbiedt. Ontbreekt het label of kun je het niet meer lezen? Laat de broek dan voor de zekerheid aan de lucht drogen.

Let ook op versieringen en kwetsbare onderdelen. Losse applicaties, gelijmde steentjes of een coating kunnen door warmte en beweging beschadigen. Zulke broeken kun je beter ophangen, ook als de stof zelf stevig aanvoelt.

Meerdere broeken tegelijk drogen

Broeken met ongeveer dezelfde dikte drogen het gelijkmatigst. Een dunne pantalon kan al droog zijn terwijl de tailleband en naden van een dikkere broek nog vochtig zijn. Haal de dunne broek er dan alvast uit en laat de rest verder drogen als dat nodig is.

Prop de trommel niet vol. De broeken moeten vrij kunnen bewegen, zodat warme lucht erbij kan. Zit alles stevig op elkaar gedrukt, verdeel de was dan over meerdere ladingen. Dat verkleint ook de kans dat broeken sterk gekreukt uit de droger komen.

Een programma en droogtegraad kiezen

Kies voor een lage temperatuur als de broek in de droger mag. Voor een katoenen broek is een katoenprogramma met een lage temperatuur een optie. Bevat de broek elastaan, wees dan extra voorzichtig: hitte kan de rek en daarmee de pasvorm aantasten.

Heeft je droger een programma voor fijne was of een lage temperatuur? Dat kan geschikt zijn voor broeken die voorzichtig in de trommel mogen worden gedroogd. Een speciaal programma voor een stofsoort maakt een droogverbod op het label niet ongedaan.

Kies liever niet standaard voor extra droog. Haal de broeken eruit zodra de stof droog aanvoelt, of controleer tijdens het programma of ze al bijna droog zijn. Zo voorkom je dat ze onnodig lang aan warmte worden blootgesteld.

Controleren en nadrogen

Voel na het drogen vooral aan de tailleband, zakken en naden. Daar zitten vaak meerdere lagen stof op elkaar en kan nog vocht achterblijven. Hang een broek met licht vochtige naden uit tot ook die plekken droog zijn. Berg haar pas daarna op, om een muffe geur te voorkomen.

Schud de broeken uit wanneer je ze uit de trommel haalt en hang of vouw ze meteen. Zo krijgen kreukels minder kans om vast te gaan zitten en liggen je broeken niet onnodig lang in een warme trommel.